 |
|
|
|
|
|
 |
| van de redactie |
|
|
Inauguratie prof. dr. ir. Michel van Putten
Op 10 december sprak prof. dr. ir. Michel van Putten zijn inaugurele rede uit, ter aanvaarding van de leerstoel Klinische Neurofysiologie aan de Universiteit van Twente. Deze leerstoel is niet verbonden aan een academisch centrum en is daarmee uniek in Nederland. Volgens van Putten vraagt de neurologie en klinische neurofysiologie van de toekomst om toenemende technische input. Een leerstoel KNF aan een universiteit met een opleiding Technische Geneeskunde is daarvoor belangrijk. Met een futuristische oratie liet de kersverse professor er geen misverstand over bestaan: de klinisch neurofysioloog van de toekomst is een computer. Van Putten heeft verschillende kwantitatieve technieken ontwikkeld waarmee grote hoeveelheden EEG-data kunnen worden geanalyseerd, zonder dat er een menselijk oog aan te pas hoeft te komen. Deze oplossingen openen de weg naar langdurige EEG-monitoring, bijvoorbeeld op een intensive care. Naast EEG-monitoring houdt van Putten zich ook bezig met simulatie en modelvorming, in het kader van nieuwe behandelmethoden binnen de neurologie. Een voorbeeld hiervan is een model dat kan voorspellen hoe een bepaald anti-epilepticum zal aanslaan bij een patiënt. Ook de techniek van neuromodulatie is een veelbelovende methode om ''onjuist gedrag'' van het zenuwstelsel van neurologische patiënten bij te sturen. Van Putten denkt dat neuromodulatie ingezet kan worden bij verschillende aandoeningen, zoals bijvoorbeeld epilepsie, pijn, depressie of de ziekte van Parkinson. Enkele fraaie voorbeelden van kwantitatieve EEG-analyse en simulatie zijn te vinden op de website van de UT-Twente. De redactie van Neurofysiologica feliciteert professor van Putten met zijn nieuwe titel.
|
 |
|
|
Afscheid prof. dr. Machiel Zwarts van Nijmegen
Na een indrukwekkende carriére als opleider klinische neurofysiologie, neemt professor Machiel Zwarts afscheid van het Academisch Ziekenhuis St. Radboud te Nijmegen. Van 1997 tot 2009 was hij hoofd van de afdeling en opleider klinische neurofysiologie. In die jaren heeft hij een imposante erelijst opgebouwd. Zo wordt hij in Pubmed 155 keer vermeld en is hij mede-auteur van het lijvige leerboek Electrodiagnostic Medicine. Professor Zwarts is op het gebied van naald-elektromyografie een nationaal en internationaal erkend expert en een bijzonder gewaardeerd collega. Onder zijn leiding is de afdeling Klinische Neurofysiologie van het St. Radboud ziekenhuis uitgegroeid tot een vooraanstaand EMG-laboratorium. Als wetenschapper heeft hij onder andere het oppervlakte-EMG tot een bruikbaar klinisch instrument ontwikkeld, in nauwe samenwerking met de fysisch technische groep van prof. dr. ir. Dick Stegeman. Recentelijk heeft de Nijmeegse groep ook de spierecho op de kaart gezet. Tenslotte mag gezegd worden dat professor Zwarts een generatie neurologen heeft opgeleid in de kunsten der klinische neurofysiologie. Met zijn Groningse no-nonsense aanpak, zijn scherpe, analytische blik, en zijn uitdagende vakkennis bracht hij vaak het beste in een arts-assistent naar boven.
Professor Zwarts heeft gekozen voor een nieuwe uitdaging. Met ingang van 1 januari 2010 is hij in dienst getreden als hoofd epilepsie van het slaap/epilepsiecentrum Kempenhaeghe te Heeze. Neurofysiologica is ervan overtuigd dat zijn klinische, wetenschappelijke en bestuurskundige kwaliteiten ook hier op hun plaats zullen zijn. De redactie wenst professor Zwarts alle succes toe met zijn nieuwe baan. |
|
|
 |
| door dr. Vivianne van Kranen - Mastenbroek |
|
|
Second Congress International Society of Intraoperative Neurophysiology (ISIN)
Het tweede congres van de ISIN vond plaats van 12-14 november 2009 in Dubrovnik, Kroatië.
Voor wie nog onbekend is met deze nog vrij jonge vereniging: De ISIN (http://www.neurophysiology.org) heeft tot doel de intraoperatieve neuromonitoring (IONM) meer bekendheid te geven, verbetering van de kwaliteit van IONM en het organiseren van opleidingsactiviteiten en congressen betreffende dit onderwerp.
Het congres vond plaats in Dubrovnik, een pittoresk havenstadje in het zuidelijke puntje van Kroatië, aan de Dalmatische kust. Het stadje wordt ook wel "parel van de Adriatische zee genoemd" en dit bleek niet voor niets. Het congres was eveneens de moeite waard. Enkele voordrachten kort belicht:
Neurofysiologie van de tractus corticospinalis De Engelse hoogleraar Janet Eyre benadrukte in haar voordracht over de neurofysiologie van de tractus corticospinalis het belang van de leeftijd bij transcraniële (magneet) stimulatie. Zij deed een studie naar de afstand van de motorcortex tot de mediaanlijn bij kinderen. Hieruit bleek dat de motorcortex bij neonaten niet alleen verder naar voren gelegen is (vlakbij de sutura corona), maar ook dichterbij de mediaanlijn. In de loop van de jaren (tot 15 jaar) verschuift deze functionele cortex naar achteren en naar lateraal. Daarnaast is de drempelwaarde voor stimulatie bij kinderen hoger, zodat met hogere intensiteit gestimuleerd moet worden. Het lijkt dus zinvol om bij intraoperatieve monitoring van kinderen flexibele protocollen te gebruiken ten aanzien van de lokalisatie van de elektroden en de intensiteit van de stimulus. Een preoperatieve meting met magneetstimulatie kan nuttig zijn.
Neuromonitoring in acute dwarslaesies In de lezing van F. Sala (Verona, Italië) kwam de techniek van de "killed end potential" (KEEP) aan bod. De KEEP wordt ook wel "injury potential" genoemd en is opwekbaar door stimulatie distaal en registratie proximaal van een ruggenmergslaesie. Zowel stimulatie als registratie worden intra-operatief verricht met epidurale elektroden, ten behoeve van de stabilisatie van wervelfracturen. Het belang van deze KEEP ligt in de prognostische waarde. Aanwezigheid van de KEEP proximaal van de laesie zou namelijk wijzen op permanente schade; vandaar de naam "injury potential". In een kleine pilot van 13 patiënten hadden vier patiënten een opwekbare KEEP. Alle vier hadden zij bij follow-up een permanente dwarslaesie. Of afwezige KEEP ook altijd duidt op herstel, werd uit deze kleine studie niet duidelijk. De KEEP lijkt dus een neurofysiologische indicator voor een irreversibele complete dwarslaesie. Studies met grotere patiëntaantallen zijn noodzakelijk om de exacte waarde van de KEEP te bepalen.
Lokalisatie van Broca met "short train pulses" in plaats van "Penfield stimulatie" H. Axelson (Uppsala University Hospital, Zweden) besprak een casereport (n=1), waarin gezocht werd naar een vervanging van het sterk epileptogene "Penfield-protocol", dat gebruikt wordt voor intra-operatieve lokalisatie van het taalgebied. Dit protocol, bestaande uit directe corticale stimulatie met 50 Hz, werd vergeleken met een stimulatieprotocol met "short train stimulatie" (STS) van 1-2 Hz (monopolair, anodaal, 5 pulsen, 0,5 pulsduur en 3 ms puls-interval). Met beide methoden kon Broca worden gelokaliseerd. Bij het STS protocol leek de timing van de stimulatie ten opzichte van het aanbieden van de plaatjes cruciaal. Het protocol kan veelbelovend zijn omdat met deze manier van stimuleren veel minder vaak intra-operatieve convulsies worden geïnduceerd. Wordt vervolgd.
Nieuwe functionele topografie van de insula? Caspar Stephani (Cleveland, USA) lanceerde een nieuwe functionele topografie van de insula, zoals zij die onderzochten met insula-stimulatie bij vijf patiënten. De stimulatie werd verricht met enkele stereo-EEG elektroden in de insula. De belangrijkste resultaten van insula-stimulatie waren algemene somatosensibele reacties (meest posterieure insula), pijn– en temperatuursensaties (posterieure insula); smaaksensaties (middelste deel van de insula), viscerosensore reacties (anterieure insula), en waarneming van spraak en het gevoel hardop te denken (meest anterieure deel van de insula). Deze informatie is belangrijk voor het begrip van insulaire seizures en de operatieplanning hierbij, hoewel opgemerkt moet worden dat bij unilaterale resectie de meeste functies waarschijnlijk worden gecompenseerd door de contralaterale insula.
Al met al was het een kwalitatief hoogstaand congres, georganiseerd op een mooie lokatie. Het 3e ISIN congres zal plaatsvinden in 2011 in Barcelona.
|
|
|
 |
| van de redactie |
|
|
|
 |
| door dr. Paul Blijham |
|
|
Het K-complex
Het K-complex is voor iedere EEG-ist een vertrouwd fenomeen. Maar weet u eigenlijk wel waar de "K" eigenlijk voor staat? Het K-complex is voor het eerst beschreven in 1937 door Alfred Lee Loomis (1887-1975). Deze veelzijdige Amerikaan uit een welgesteld nest ging na zijn cum laude Harvard doctoraat als advocaat aan de slag. Tijdens de eerste wereldoorlog bedacht hij, als vrijwillige recruut, de Aberdeen Chronograaf, die de snelheid kan meten waarmee een kogel de loop verlaat. Na de oorlog werd Loomis een succesvol investeringsbankier, die door sluwe anticipatie alleen maar rijker uit de beurscrach van 1929 kwam. Badend in weelde stortte hij zich vervolgens op zijn hobby: de wetenschap. Hij richtte een laboratorium op in New York, de plek waar hij onder andere het K-complex ontdekte. Einstein, Heisenberg en Bohr waren hier graag geziene gasten. Over de rol van Albert Loomis in de 2e wereldoorlog schijnt Roosevelt gezegd te hebben: "He is the civilian who was second perhaps only to Churchill in facilitating the Allied Victory." Dit vooral vanwege Loomis cruciale rol bij het ontwikkelen van de radar, de doodsteek voor de Duitse U-boten. Loomis bedacht tevens het LORAN navigatiesysteem, dat pas na de komst van GPS in onbruik is geraakt. Daarnaast was Loomis betrokken bij de eerste fase van het Manhattan project.
Niet zomaar iemand dus, die het K-complex voor het eerst onder ogen kreeg. Maar waarom dan toch de letter "K"? Een duik in de leerboeken biedt geen soelaas. Waar de meeste leerboeken het raadsel verzwijgen, biedt de Niedermeyer twee - helaas ongestaafde - verklaringen. De eerste is dat de "K" voor "Knocking" staat, om aan te duiden dat het een arousal-fenomeen betreft. Opmerkelijk genoeg werd in de oorspronkelijke publicatie gebruik gemaakt van pieptonen en niet zozeer van kloppen. Maar wellicht verscheen het fenomeen voor het eerst op de inktschrijver toen er iemand tijdens een registratie per ongeluk op de deur van het laboratorium klopte. Een tweede overlevering stelt dat men de golf in alle opwinding een willekeurige letter meegaf, de "K" dus. Je zou denken dat in zo''n geval de "L" van Loomis meer voor de hand ligt. Of de "E" van zijn vrouw Ellen, of de "M" van zijn maitresse Manette. Hoe dan ook, met deze theorieën moeten we het doen. De redactie daagt daarom de lezers uit om een betere verklaring te bedenken voor de naamgeving van het "K" complex. Wie durft?
|
|
|
 |
| door dr. Paul Blijham |
|
|
Spierechografie bij kinderen
Onder toeziend oog van promotor Machiel Zwarts en co-promotoren Nens van Alfen en Aad Verrips, heeft kinderneuroloog in opleiding Sigrid Pillen met het proefschrift ''Quantitative muscle ultrasound in childhood neuromuscular disorders'' op 26 mei 2009 de graad van doctor cum laude aan de Radboud Universiteit Nijmegen verkregen. Het proefschrift is een fraai en lijvig werkstuk geworden: 254 bladzijden gevangen in een strakke lay-out. De zestien hoofdstukken zijn deels afgeleid van de 23 publicaties die de auteur inmiddels op haar naam heeft staan. Aan de wetenschappelijke waarde van dit proefschrift hoeft dan ook niet getwijfeld te worden. In het proefschrift wordt beschreven hoe de spierecho vanaf de kinderschoenen is ontwikkeld tot een volwaardige diagnostische techniek. Spierechografie blijkt een eenvoudig toepasbare techniek om spierdikte en structuur in beeld te brengen. Met een hoge positieve en negatieve voorspellende waarde, is spierechografie een geschikte screeningsmethode in de diagnostiek van neuromusculaire aandoeningen bij kinderen. Bij een normale spierechografie, zo bepleiten de auteurs, kan een kind invasieve onderzoeken als naaldelektromyografie en spierbiopt, worden bespaard.Een ander sterk punt is de digitale kwantificering van het signaal. Hiermee worden de valkuilen van subjectieve beoordeling vermeden. Een nadeel van echografie is dat het moeilijk blijkt om op grond van de echo-intensiteit een onderscheid te kunnen maken tussen myopathische en neurogene ziektebeelden. De distributie van de afwijkingen lijkt hiervoor een meer informatieve parameter.Een nieuwe ontwikkeling binnen de spierechografie is het detecteren van subtiele bewegingen, wier elektromyografische equivalenten bestaan uit fasciculaties en fibrillaties. Met name laatstgenoemde is opvallend, omdat de diameter van een individuele spiervezel kleiner is dan de resolutie van de echo. Over deze dynamische spierechografie is het laatste woord nog niet geschreven.Tenslotte werpt de auteur nog een prikkelende vraag op over de plaats van de spierecho binnen de gelederen der medisch specialismen. Radiologie, kinderneurologie of klinische neurofysiologie? Wat haar betreft geldt ook hier het principe: bekwaam is bevoegd.
Als extraatje bevat het proefschrift een minicursus spierechografie. In vier "how-to" intermezzi wordt een heldere en geïllustreerde uitleg gegeven over de techniek, en over de kwantificering en interpretatie van het signaal. Zo kan het proefschrift tevens dienst doen als leerboek spierechografie bij kinderen. Een compact disc met voorbeelden is bijgevoegd. Sigrid Pillen zal in 2011 haar opleiding tot kinderneuroloog in het UMC St Radboud voltooien. Zij heeft met dit proefschrift haar kop een flink eind boven het maaiveld uitgestoken (stelling 10: wie z'n kop boven het maaiveld uitsteekt ziet veel meer van de wereld).
Info over de cursus spierechografie staat op http://echocursus.blogspot.com.
|
|
|
 |
| door dr. Paul Blijham |
|
Aflevering 1: In Maastricht kijkt de KNF over de grenzen mee.
Voor de aftrap van de serie "Wat maakt uw afdeling speciaal?" is de redactie van Neurofysiologica op bezoek geweest in het Academisch Ziekenhuis Maastricht.
In Maastricht kiest de vakgroep KNF voor neuromonitoring in de breedste zin van het woord. Eén van de specialiteiten betreft de bewaking van het ruggemerg tijdens aortachirurgie met behulp van motor evoked potentials (MEP). Met het gebruik van deze techniek wordt de kans op een perioperatieve dwarslaesie dramatisch verlaagd. Inmiddels heeft het team de procedure dermate ontwikkeld, dat deze als een produkt aan externe ziekenhuizen kan worden aangeboden.
Hiertoe reist een gespecialiseerde laborant naar het betreffende ziekenhuis, dat zelf voor de apparatuur, het operatieteam en de patiënt zorgt. Via een veilige internetverbinding, inclusief webcam en Skype, kijkt de klinisch neurofysioloog vanachter zijn bureau in Maastricht mee met de operatie en de monitoring. Momenteel worden op deze manier jaarlijks ongeveer 125 patiënten in Aken geopereerd en ongeveer 50 in Bern. Uitbreiding naar meer Duitse ziekenhuizen zal op korte termijn worden gerealiseerd. In de visie van professor Mess ligt de toekomst van de afdeling KNF in het beschikbaar stellen van haar expertise aan nationale en internationale partners. Intraoperatieve monitoring is hiervan slechts één voorbeeld; in feite zijn vrijwel alle KNF-modaliteiten digitaal uitwisselbaar. Op deze wijze wordt fraai geïllustreerd dat de KNF méér is dan alleen een afdeling voor eenvoudig routine-onderzoek. Het zijn dit soort krenten die de pap doen smaken en in de huidige tijdsgeest zou een goede smaak wel eens van essentiëel belang kunnen zijn.
|
|
|
 |
| kijk voor de actuele agenda op www.neurofysiologica.nl |
|
|
Cursus spier- en zenuwechografie 17 februari, Raboud Ziekenhuis, Nijmegen http://echocursus.blogspot.com
American Society of Neurophysiological Monitoring Winter Symposium 5 - 6 maart, Florida, USA https://www.signmeup.com/site/reg/register.aspx?fid=GF2V3K7
International Congress on Epilepsy, Brain and Mind 18 - 20 Maart, Praag, Tsjechië http://www.epilepsy-brain-mind2010.eu/Text/home-page?MenuItemId=1
54. Jahrestagung der Deutschen Gesellschaft für Klinische Neurophysiologie und Funktionelle Bildgebung 18-20 Maart, Halle (Duitsland) http://www.dgkn.de/index.php?id=62
KNF-dagen 22 - 23 april, Nunspeet, Nederland http://www.nvknf.nl
50. Jahrestagung der Deutschen Gesellschaft für Epileptologie e.V. 28 april - 1 mei, Wiesbaden (Duitsland) http://www.congrex.de/epilepsie2010
2nd Latin-American Symposium of Neurophysiological Monitoring 13 - 16 mei, Porto Alegre, Brazilië http://www.snnrs.com.br
15th Meeting of the European Society of Neurosonology and Cerebral Hemodynamics 22 - 25 mei, Madrid, Spanje http://www.neurosonology2010madrid.org
9th European Congress on Epileptology 27 juni – 1 juli, Rhodos, Griekenland http://www.epilepsyrhodes2010.org
20th congress of the European Sleep Research Society 14 - 18 september, Lissabon, Portugal http://www.esrs2010.com
ECNS 2010 14 - 19 september, Istanbul, Turkije http://www.ecns2010.org/about
AANEM 57th annual meeting 6 - 9 Oktober, Quebec, Canada http://www.aanem.org/meetings/2010.cfm
IFCN 29th International Congress of Clinical Neurophysiology 28 oktober – 2 november, Kobe, Japan http://www.iccn2010kobe.com
SFEMG/QEMG 2010 28 oktober – 2 november, Kobe, Japan http://www.iccn2010kobe.com/registration.html
First International Symposium of the American Society of Neurophysiological Monitoring (ASNM) 4 - 6 November, Groningen
|
|
|
 |
| kijk voor een actueel overzicht op www.neurofysiologica.nl |
|
|
|
U heeft deze nieuwsbrief ontvangen omdat u lid bent van de NVKNF met dit e-mailadres of omdat iemand anders deze nieuwsbrief bij u onder de aandacht wil brengen. Indien u deze nieuwsbrief niet meer wenst te ontvangen kunt u dit kenbaar maken via info@neurofysiologica.nl . Voeg ons verzendadres info@neurofysiologica.nl toe aan uw adresboek, zodat onze nieuwsbrieven voortaan in uw Postvak In terechtkomen.
|
|
Neurofysiologica is een tweemaandelijkse nieuwsbrief van en voor klinisch neurofysiologisch Nederland, onder redactie van de afdeling Klinische Neurofysiologie Maastricht (editor: dr. Paul Blijham). Kopij, vragen en suggesties kunt u per e-mail sturen naar info@neurofysiologica.nl of per reguliere post richten aan: academisch ziekenhuis Maastricht, t.a.v. afdeling KNF, Postbus 5800, 6202 AZ Maastricht.
|
|
|